Verhaal

De enige Wierdenaar die sneuvelde bij de Grebbeberg

Auteur: 
Cees Hoogendijk

Nadat het Nederlandse leger op 15 mei 1940 tegenover  de Duitsers had gecapituleerd begon een spannende tijd voor de familieleden van de militairen die het vaderland hadden verdedigd. De familie vroeg zich af wat hun zoon, vader of broer allemaal had meegemaakt en of hij überhaupt de oorlog had overleefd. Van sommigen werd lange tijd niets gehoord; van anderen kwam al snel bericht.

De Wierdense Egberdina Gottemaker-Schipper echter wachtte tevergeefs op een goed bericht. Integendeel, haar man Johan Gottemaker was op maandag 13 mei 1940 rond half 3 in de middag gesneuveld in de gevechten met de Duitse troepen. Kleindochter Kristel Hommers - de Jong vroeg of ik misschien meer informatie had over haar opa want binnen de familie was er weinig meer bekend dan de summiere informatie die F. Noltus in 1983 had gepubliceerd. Het lukte vrij gemakkelijk om meer informatie te vinden met als direct gevolg dit artikel dat met instemming van de familie gepubliceerd mag worden.

Johan Gottemaker werd op 10 juni 1907 geboren in huis nummer 548 te Hoge Hexel als tweede zoon van landbouwer Albertus Gottemaker (1866-1942) en diens vrouw Aaltjen Stokman (1871-1935). Gottemaker sr. was eerder getrouwd geweest met Johanna Holtink (1870-1903) en had met haar vijf kinderen gekregen. Johan werd katoenwever (fabrieksarbeider) bij Ten Cate in Nijverdal. Hij trouwde op 10 juni 1937 te Wierden met Egberdina Schipper (1906-1997), dochter van metselaar Johan Schipper (1880-1952) en Dina Wevers (1883-1966).

Algemene mobilisatie

Johans militaire “carrière” begon volgens de defensie-archieven in 1924 met een vrijwillig dienstverband bij het “Vrijwillige Landstorm verband Zwolle- Assen”. De Vrijwillige Landstorm was een soort leger van bewapende burgers dat opgericht werd ter ondersteuning van het reguliere leger; eigenlijk een soort voorganger van de huidige Korps Nationale Reserve (NATRES). Op donderdag 23 juni 1927 werd zijn vrijwillige dienstverband omgezet in een – in administratieve zin – onvrijwillig dienstverband. Johan werd op die dag ingelijfd bij het 19e Regiment Infanterie (19RI). Dit Regiment was in 1913 opgericht. Gottemaker diende slechts kort (tot 4 augustus 1927) waarna hij met zogenaamd Groot Verlof mocht. Na wat korte “herhalingsoefeningetjes” in 1930, 1933 en 1939 moest hij op dinsdag 29 augustus 1939 voor iets langere tijd opnieuw zijn militaire kloffie aantrekken. De dag ervoor was namelijk Algemene Mobilisatie afgekondigd en ook “lichting 1927” was de klos.

Gottemaker was bij de uitbraak van de vijandelijkheden dienstplichtig soldaat bij de 3e Compagnie van het 3e Bataljon van het 19e Regiment Infanterie (3-III-19RI). Deze Compagnie bevond zich in de nacht van 12 op 13 mei 1940 in een opstelling bij het Valleikanaal net ten noorden van het dorp Achterberg. Samen met een andere Compagnie was men onderdeel van de zogenaamde voorpostenlijn en moest men de eerste klappen opvangen van de naar schatting vier keer zo sterke (!) Duitse overmacht. De voorposten, dan wel stellingen, waren grotendeels geïmproviseerd en opgebouwd uit grond, zandzakken en hout. Johan Gottemaker is dus ook zeer waarschijnlijk ergens in deze voorposten gesneuveld.

Het tijdstip van overlijden (13 mei, rond half 3 in de middag) heb ik niet kunnen matchen met een bepaalde actie of aanval en lijkt mij overigens niet al te betrouwbaar vanwege het feit dat de gevechten meerdere dagen hebben geduurd, de chaos groot was en registratie van doden vanzelfsprekend niet de hoogste prioriteit kreeg. Ook de exacte plaats van overlijden is niet achterhaald en zal hoogstens beschreven kunnen worden als “oost van Achterberg ergens tussen de spoorlijn, Zuidelijke Meentweg, Weteringsteeg en Friesesteeg”. Het vermoeden is dat het lijk – net als dat van vele anderen – enige tijd is blijven liggen voordat het werd verzameld en naar de Grebbeberg werd overgebracht. Direct na de capitulatie werd op de top van de Grebbeberg, onder leiding van de Duitsers, een begraafplaats ingericht waar zowel Nederlandse als Duitse gesneuvelden werden begraven.

*Titelfoto: Johan Gottemaker (1907-1940) en Egberdina Schipper (1906-1997) op hun trouwdag in 1937. (Foto collectie J. de Jong – Gottemaker)

Wilt u het volledige  verslag lezen dat vindt u in het onlangs door HKW uitgegeven magazine Wederaardigheden nummer 64 van april 2017. Verkrijgbaar bij de Van Buurenstee en Boekhandel Reterink.

Reacties